Blog Wijnand van de Giessen: Uitgangspunten

Eind juni heeft het College van Burgemeester en Wethouders de Nota van Uitgangspunten Sociaal Makelaarschap 2019-2024 vastgesteld. Een hele mond vol. Maar wel een hele belangrijke mond vol. In deze nota geeft B&W haar visie op het sociaal makelaarschap in de stad, en wat zij van dit werkveld in de komende jaren verwacht.

Die uitgangspunten zijn nodig, omdat de gemeente Utrecht aan het einde van de huidige (per 1-1-2019 aflopende) subsidieperiode opnieuw het sociaal makelaarschap wil toebedelen. Anders gezegd: Vooruit (maar ook de andere sociaal makelaarorganisaties, de smo’s) zal volgend jaar opnieuw een aanvraag voor de nieuwe periode moeten indienen en zal daarbij door de gemeente op de uitgangspunten van de nota worden beoordeeld.

De nota is er niet even zomaar gekomen. Er is een behoorlijk zorgvuldige procedure gevolgd, waarbij heel veel partijen hun mening over het huidige werk hebben gegeven. En waar men ook de wensen voor de komende periode heeft kunnen formuleren. Van deze inspraakmogelijkheid is heel goed gebruik gemaakt: zowel aangrenzende organisaties zoals bijvoorbeeld Buurtteams en JOU, maar ook wijkraden, kerken en bewoners hebben hun mening gegeven.

En naar nu blijkt is deze inspraak zeer serieus genomen, B&W heeft heel goed naar alle betrokken partijen geluisterd.

Zo rijst uit de nota het beeld dat het College het sociaal makelaarschap een belangrijke positie toedicht in het realiseren van een sterke sociale basis in de stad. En dan in het bijzonder waar het gaat om kwetsbare groepen in onze stad. Het werkveld heeft haar positie in de afgelopen jaren duidelijk waargemaakt en daardoor ook versterkt.

Heel goed is ook dat B&W in de nota veel duidelijker dan een aantal jaren geleden opschrijft hoe zij het werkveld ziet, en wat zij van de sociaal makelaars in de buurten en wijken verwacht. En dat is fijn, die verheldering was echt nodig.

Een goede stap vooruit (what’s in a name) is ook dat de nieuwe subsidieperiode 6 jaar lang zal zijn. De vorige periode besloeg aanvankelijk vier jaar, maar dat bleek behoorlijk aan de korte kant te zijn: zo moest in het eerste jaar nog veel worden opgebouwd, daarna kwam men pas aan het echte werk toe.

En heel belangrijk: het College geeft expliciet aan dat men in beginsel voor continuiteit van het werk kiest. Ook hier is de waardering voor het werk duidelijk terug te lezen.

Op een aantal onderdelen zijn echter ook wel wat vragen te stellen. Allereerst trekt het College op het eerste oog 1 miljoen euro minder uit dan thans voor het werk; dat heeft vooral te maken met de beoogde verzelfstandiging van de speeltuinen. Deze worden nu nog beheerd door medewerkers van de smo´s. Het is anno juli 2017 echter nog zeer onduidelijk welke speeltuinen wel of niet en zo ja, wanneer, zullen verzelfstandigen.

Maar 1 miljoen euro minder dreigt hoe dan ook gevolgen te hebben voor de werkgelegenheid van de smo’s, waarbij het ook nog eens behoorlijk onvoorspelbaar is voor wie precies dit gevolgen zal hebben.

Daarnaast zegt de nota dat het College een aanvraag voor de hele stad wil ontvangen, omdat men o.m. wil bevorderen dat de uitvoering van het werk is de stad overal op dezelfde leest zal zijn geschoeid. Deze ene aanvraag mag ook gedaan worden door een samenwerkingsverband van de huidige smo’s.

Voor de vijf smo’s in de stad is het een hele interessante maar ook uitdagende optie om daaraan samen inhoud te gaan geven. Er zal nog meer dan nu al het geval is heel nauw samengewerkt moeten worden. En dat is nooit verkeerd.

Op de jaarlijkse teamdag van de medewerkers van Vooruit op 4 juli jl is de nota in hoofdlijnen positief ontvangen. Hoewel er uiteraard op onderdelen kanttekeningen werden geplaatst, was de eindconclusie vooral dat men zich in de inhoudelijke kant van de nota heel goed herkent en dat dit veel motivatie geeft om de komende jaren het werk samen met andere organisaties enthousiast op te gaan pakken.

Nog even procedureel: de nota is nog niet definitief. In het najaar zal de gemeenteraad de nota bespreken en vervolgens vaststellen. Daarna zal het College op basis van de door de raad vastgestelde nota nog een beleidsregel schrijven, die op een aantal onderdelen verdere invulling zal geven. En daarna mogen de smo’s aan de slag: in het voorjaar van 2018 moeten de aanvragen voor de nieuwe subsidieperiode bij de gemeente worden ingediend; in juni 2018 zal dan worden besloten of de huidige smo;s het werk ook tot en met 2024 in de wijken en buurten mogen gaan uitvoeren.

Deze nota van uitgangspunten is in ieder geval een eerste stap om dat ook voor Vooruit voor elkaar te gaan krijgen.

Wijnand van de Giessen, Interim bestuurder Vooruit

Facebooktwittergoogle_pluslinkedinby feather