Lies 36 jaar in dienst in Utrecht! – Blog Lies Vigh

Beste lezer,

Ja, ja….. al 36 jaar aan het werk in vaste dienst! Donderdag 15 april 1982 ben ik begonnen met werken in het welzijnsland! Het was de laatste ronde om in dienst te komen, want daarna zijn er vele bezuinigingen geweest.

Met veel plezier heb ik een aantal jaren gewerkt als peuterleidster op de 1e Daalsedijk. Het was een gezellige arbeidersbuurt, waar mensen de deur nog open konden laten staan, om even te kletsen of een “bakkie doen” bij de buren. De sociale cohesie in dit buurtje was groot, er woonden verschillende nationaliteiten en sommige bewoners hadden andere gewoontes. Ze waren het niet altijd met elkaar eens, ze scholden elkaar echt wel eens verrot. Maar het werd wél bijgelegd en samen stonden ze toch voor hun wijkkie en gaven ze hulp aan elkaar als dat nodig was. Dit was mijn eerste vaste baan en ik heb hier met veel plezier gewerkt en veel geleerd. Ook mooi om al terugkijkend te beseffen hoe er toen door verschillende clubs al geparticipeerd werd, voor hun eigen clubje maar ook voor een gezellig avondje voor de buurt.

Door bezuinigingen werd ik gedetacheerd, en kwam ik terecht in speeltuin Noordse Park. Ik kende het speeltuinwerk goed, omdat ik als meisje van 10 opgegroeid ben met het speeltuinwerk en daar ook jaren als vrijwilliger gewerkt heb. Na ruim een jaar kon ik niet langer daar gedetacheerd blijven en ik kwam terecht in de Watervogelbuurt, waar ik het peuterwerk en een stukje kinderwerk ging doen. Het was een ander slag mensen, maar ook hier heb ik met veel plezier samengewerkt met ouders en kinderen.

En ja hoor, er kwam weer een bezuiniging aan. Ik ben toen verhuisd met mijn werk naar Sterrenwijk, waar ik het peuterwerk, kinderwerk en een stukje volwassenenwerk ben gaan doen. Sterrenwijk, een echte arbeiderswijk waar de mensen het hart op de juiste plek hebben zitten. Men bedoelt het vaak niet zo, maar soms komt het er een beetje rottig uit als je met hen in gesprek bent. Ik heb hier vele kinderen op zien groeien en heel veel schik gehad. Ook tijdens het kinderwerk en het volwassenenwerk heb ik prettig in deze wijk gewerkt. Maar toen kwam er een werkplek vrij in speeltuin De Bloesem. Je raadt het al, ik werd daar aangenomen! Ik was super blij, omdat dit voor mij altijd al een droom was om in een speeltuin te kunnen werken.

Van oudsher was Oudwijk ook een arbeidersbuurt, maar de laatste jaren zijn er veel hoogopgeleiden met jonge kinderen komen wonen. Voor de oudjes in de wijk is dit wel een verandering. Jarenlang heb ik me met volle overgave ingezet in speeltuin De Bloesem. In 2008 kwam er een grote verbouwing van de buitenruimte en later werd ook het honk nog opnieuw neergezet. 

In Augustus 2013 brak er een een nieuwe periode voor het welzijnsland aan. De gemeente ging het werk aanbesteden en daardoor werd het werk gegroepeerd en werden er weer nieuwe organisaties in het leven geroepen. Zo kwam Spelenderwijs voor de peuters van Utrecht, St. JoU voor de jongeren in Utrecht, Harten voor sport is er voor sportactiviteiten, zowel in de wijk als in de speeltuinen.
Daarnaast zijn er 18 buurtteams opgezet in de stad waar je terecht kan met allerlei vragen op het gebied van hulpverlening. Zij helpen je dan verder op weg.  En er zijn 5 sociaal makel organisaties gekomen. De stichting Vooruit is er daar één van, met als werkgebied Oost, Hoograven, Tolsteeg en Lunetten. De sociaal makelaars hebben een belangrijke rol in de wijk. We brengen verbindingen tot stand,  we ondersteunen de bewoners, we signaleren en adviseren vanuit de buurtcentra en speeltuinen waar iedereen welkom is, waar fijn wordt samengewerkt en waarbij we de vreedzame methode hanteren.

West en Noordwest: St. Me’kaar
Vleuten-De Meern: St. Welzaam
Zuidwest, Binnenstad en Leidsche Rijn: Doenja Dienstverlening
Noordoost en Overvecht: Wijk & Co
Zuid en Oost: St. Vooruit

Na 5 jaar heeft de gemeente weer een nieuwe uitvraag voor het sociaal makelwerk  uitstaan en daar wordt nu druk op geschreven door allerlei organisaties en natuurlijk ook door de 5 huidige sociaal makelorganisaties in Utrecht. Waarschijnlijk weten we begin juli 2018 wie deze uitvraag gegund krijgt, best spannend! 
Ik werk zelf nu bij Vooruit als sociaal makelaar vanuit speeltuin De Bloesem. Nog steeds met passie, probeer ik mensen en organisaties te verbinden en kinderen en bezoekers van speeltuin De Bloesem in hun kracht te zetten. Dit alles met als doel om 
de cohesie in de wijk te vergroten.

En als kinderen, bezoekers en/of organisaties hier uiteindelijk ook energie en een glimlach op hun gezicht van krijgen, dan denk ik wat een prachtig vak is het toch!

Daar word ik nog steeds blij van na al die jaren!
Een zonnige groet van Lies Vigh, sociaal makelaar bij St. Vooruit.

Eenzaamheid. En meer (blog Dick)

Minister Hugo De Jonge (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) lanceerde dinsdag 20 maart jl. het actieprogramma Eén Tegen Eenzaamheid. Het programma schetst een aanpak om eenzaamheid onder (met name) ouderen eerder te signaleren, te doorbreken en tegen te gaan. Meer dan de helft van de 75-plussers in Nederland geeft aan zich in meer of mindere mate eenzaam te voelen. Dat zijn 700.000 mensen. Ook in het Utrechtse, onder de Sociaal Makelaars, heeft men dit begrepen en maakt men zich sterk voor het signaleren, het bespreken en duurzaam aanpakken van eenzaamheid. Met name heeft dit de aandacht van de medewerkers die activiteiten en netwerken voor ouderen in het kader van Samen in de Stad in de wijken ondersteunen.

Dr. Eric Schoenmakers behandelt wetenschappelijk onderzoek rond het thema eenzaamheid. Hij beschreef onlangs de invloed van buurtkenmerken op eenzaamheid. Volgens hem komt in sommige buurten eenzaamheid meer voor dan in andere, wat blijkt uit verschillende GGD-monitoren, waarin per wijk of deelgebied wordt bijgehouden hoe vaak eenzaamheid in de gemeente voorkomt (1).

Hoe verklaart men de verschillen tussen buurten? Oorzaken van eenzaamheid worden vaak toegeschreven aan individuele levensgebeurtenissen, zoals veranderingen in partnerstatus, verlies van dierbaren, verminderde gezondheid of mobiliteit en een lage(r wordende) sociaaleconomische status. Mensen in ‘minder gunstige’ omstandigheden maken daarbij een grotere kans op eenzaamheid (1).

Natuurlijk is het zo dat in sommige buurten nu eenmaal meer individuen wonen die een groter risico lopen op eenzaamheid, maar is dat de hele verklaring? Of zijn er bepaalde kenmerken van een buurt die maken dat de eenzaamheid in verschillende buurten anders ervaren wordt? Uit onderzoek (professor A. Kearns en collega’s, University of Glasgow) blijkt dat eenzaamheid in ‘slechte buurten’ vaker voor te komen: twee op de vijf bewoners zegt ‘wel eens eenzaam’ te zijn, één op de zes bewoners zegt ‘vaak of altijd eenzaam’ te zijn. De resultaten tonen aan dat buurtkenmerken zeker van invloed zijn op eenzaamheid. Wanneer bewoners hun buurt van hogere kwaliteit achten en wanneer zij gebruikmaken van meer faciliteiten in de wijk, zijn ze minder vaak eenzaam. Ook bewoners die meer mensen in de buurt kennen, zijn minder vaak eenzaam. Buurtbewoners die niet of minder sociaal gedrag vertonen, die minder collectiviteit ervaren in de buurt en die zich onveilig voelen wanneer ze ’s nachts alleen over straat moeten, ervaren vaker eenzaamheid. De beleving van de (veiligheid van de) buurt en het ‘kennen’ van de buurt en diens mogelijkheden zijn dus van belang in relatie tot eenzaamheid. Misschien wel verrassend is dat de tijd die iemand al in een bepaalde buurt woont, geen invloed heeft op gevoelens van eenzaamheid. Het is dus niet per se zo dat mensen die al langer in een buurt wonen, daar een groter of rijker netwerk opbouwen en dat dit van invloed is op hun eenzaamheid (1).

Buurt of individu? Nu kun je je nog afvragen of je de hogere eenzaamheidscijfers echt kunt toeschrijven aan de buurtkenmerken, of dat ze meer zeggen over de mensen die er wonen. De ervaring van kwaliteit van de buurt, het al dan niet gebruik maken van faciliteiten, hoeveel mensen je kent etc., het blijven allemaal belevingen van het individu. Omdat het gaat om grotere aantallen bewoners mag geconcludeerd worden dat er toch op buurtniveau iets aan de hand lijkt te zijn. Waarschijnlijk is vooral de interactie tussen beiden, het individu en de buurt, belangrijk (1). Sociaal Makelaars leveren positieve bijdragen aan de interactie – de wisselwerking middels dialoog – tussen mensen, omdat ze in veel buurten bewonersinitiatieven stimuleren en ondersteunen, en bewoners (onderling) en met organisaties in contact brengen. 

Wat signaleren wij binnen Sociaal Makelorganisatie Vooruit over vereenzaming van mensen in de wijken waarin we actief zijn? In Utrecht Oost (rond de 32.000 bewoners) geeft 12% van de ouderen aan ernstig eenzaam te zijn. Ondanks dat er redelijk veel activiteiten worden aangeboden in de wijk wordt er een gemis aan zingeving gesignaleerd. Uit gesprekken met de Wijkraad en Adviescommissie van Vooruit blijkt dat er onvoldoende algemene voorzieningen worden ervaren in Oost (zoals: het ontbreken van een Bibliotheek, een Digi-/Taalhuis, Centrum voor Huiswerkbegeleiding etc.). Verder spelen bereikbaarheid en mobiliteit van mensen een grote rol om naar deze plekken te komen. Utrecht Oost vergrijst (tevens landelijke tendens). In de wijk Hoograven (ruim 27.150 inwoners) voelt 38% van de mensen zich sociaal eenzaam. Dat zijn zo’n 10.300 personen. Sociale eenzaamheid, een gemis aan mensen om je heen, komt vaker voor bij volwassenen en jongeren met een laag opleidingsniveau, mensen die deel uitmaken van éénoudergezinnen, een migratieachtergrond hebben, mensen die 40 jaar of ouder zijn en mensen die alleenstaand zijn. Het buurtteam in Hoograven bevestigt deze problematiek. 12% (ruim 340 personen) van de mensen die 65 jaar of ouder zijn, geeft aan ernstig eenzaam te zijn. Om ervoor te zorgen dat zij prettig oud kunnen worden zijn activiteiten die in de omgeving worden georganiseerd noodzakelijk. Voor een deel vindt dit in het buurthuis (zoals het Hart van Hoograven) plaats. Over het algemeen zijn bewoners best wel tevreden met het wonen en leven in de wijk Lunetten (ruim 11.600 bewoners). Het voorzieningenaanbod is gevarieerd in deze wijk, centraal gelegen en goed bereikbaar. Toch speelt eenzaamheid er een grote rol. Met name onder ouderen en alleenstaanden (ook met kinderen). Dit hangt samen met een beperkt sociaal netwerk en het gemis van betekenisvolle/ waardevolle contacten. Het percentage 55-plussers is in Lunetten met 21,1% hoger dan het stedelijke gemiddelde. In Lunetten dreigt het ontstaan van een tweedeling: ‘rijk & gezond’ (de sterkeren) versus ‘arm & ziek’ (de zwakkeren) (2). 

Wat komen wij in de dagelijkse praktijk tegen? In gesprekken van de Sociaal Makelaars met mensen valt regelmatig het woord eenzaamheid: “Ja, ik ben best wel eens eenzaam. Nu ik zelf op leeftijd ben mis ik vooral mijn vader en moeder. Of mijn zus die enkele jaren geleden overleden is en waar ik een goede band mee had. Dat warme nestgevoel weet je”. “Ik mis mijn partner die overleden is, hij was mijn maatje met wie ik alles kon bespreken en waar ik gewoon van op aan kon. En die me zeker niet zou besodemieteren”. “Ik sta er nu overal alleen voor, iedereen is druk met zichzelf, ik heb niemand die naar mij wil luisteren”. “Je hoort en leest tegenwoordig zulke rare dingen. Ik mis gewoon iemand die ik voor de volle 100% kan vertrouwen en die altijd voor me klaar staat”. “Ik ben alleenstaand. Toen ik voor kanker werd behandeld, miste ik vaak een gelijke, een maatje met wie ik kon praten toen ik weer thuis was”. 

Iedere ochtend, ik ben net twee tellen binnen, gaat de deurbel en staat er een oudere buurtbewoner voor de toegangsdeur van het pand. Hij komt langs voor een kopje koffie en een luisterend oor. De man ervaart overal pijntjes, slaapt slecht, maakt zich druk over zijn gezondheid en de eventuele oorzaken. Zijn vrouw heeft hem enkele jaren geleden verlaten. Hij zegt zich eenzaam te voelen.

In een gesprek met een buurtteam medewerker kwam laatst het voorbeeld voorbij van een oudere dame die met niemand meer contact heeft, geen familie heeft, niet meer in staat is om haar huis uit te gaan en intussen wat geld nodig heeft om de boodschappen te kunnen betalen. Hoe kon ze deze betalen zonder dat de ondersteunende(hulp)diensten of anderen zouden kunnen beschikken over haar persoonlijke betaalpas en pincode? Het zijn zo maar wat voorbeelden van hoe eenzaamheid zich onder de bevolking manifesteert.

Volgens dr. Schoenmakers biedt het onderzoek van professor Kearns aanleiding om na te denken over de aanpak van eenzaamheid door de leefkwaliteit in buurten te verbeteren en op niveau te houden. De resultaten duiden erop dat als we ‘slechte buurten’ aanpakken en opknappen, de eenzaamheid er wel eens zou kunnen afnemen naar een niveau van ‘betere buurten’. Een laag inkomen, of het hebben van geld problemen, maakt de kans op het krijgen van gezondheidsproblemen alsmaar groter. Een kritische kanttekening daarbij is dat er in ‘slechte buurten’ waarschijnlijk ernstigere problemen zijn dan eenzaamheid. Denk bijvoorbeeld aan een gebrek aan veiligheid of aan armoede. En wat te denken van de voortschrijdende digitalisering van de dienstverlening? Niet iedereen is immers digitaal vaardig. Dit zijn geen makkelijke problemen om aan te pakken. Een betaalbaar en relevant (recreatief/ educatief) activiteitenaanbod is noodzakelijk om uitsluiting en vereenzaming van mensen te voorkomen. Aanpak van eenzaamheid in de buurt door het verbeteren van de leefbaarheid heeft, volgens dr. Schoenmakers, wel degelijk zin (1).

Sociaal Makelaars spelen hierbij een belangrijke rol. In nauwe samenwerking met (veel) anderen. Mensen erbij houden, niemand uitsluiten en het zoeken naar verbinding tussen mensen en organisaties, vormen de hoofdtaken van de Sociaal Makelaars die werken in de buurt. Naast het signaleren, bespreken en verhelpen van eenzaamheid onder mensen besteden zij ook aandacht aan andere zaken die de leefkwaliteit voor bewoners in de wijk bepalen. Bovendien hebben zij oog voor sfeer, warmte en vertrouwen, in de omgeving. Misschien wel het allerbelangrijkste tegenwoordig.

Dick Haaksman

 

Bronvermelding 

Op de website van de gemeente Utrecht is de gezondheidsmonitor 2017 te vinden met actuele cijfers, signalen en uitleg over de gezondheid van Utrechters in de wijken. 

(1) Voor deze bijdrage is gebruik gemaakt van tekst uit een blog van dr. E. Schoenmakers (dinsdag 17 april 2018) nieuwsbrief Coalitie Erbij  Waarvoor dank. (2) Wijkanalyses 2018 eigendom Vooruit.

Volgens cijfers van het CBS zijn er in Nederland momenteel 2,8 miljoen inwoners alleenstaand. Naar verwachting stijgt dit in 2025 naar 3 miljoen personen door groei van het aantal middelbare en oudere alleenstaanden. Jan Latten (hoogleraar Sociale Geografie) stelt dat in 2050 de helft (50%) van de Nederlandse huishoudens single is.

Breng eens een zonnetje – Blog van Tamara Leguit

Ouderen, voor een aantal jaren werd deze groep niet meer gezien als doelgroep waar (speciale) aandacht voor zou moeten zijn. De ouderen zijn nu weer in beeld. Maar er zijn ook mensen die roepen dat ouderen niet bestaan. Hoe dan ook, we worden allemaal ouder en iedereen ervaart dat op zijn eigen manier.

Bejaardenhuizen waar het doel ooit was te zorgen voor de drie C’s: comfort, controle en contact verdwijnen. Wonderlijk genoeg zijn die C’s een beetje uit het zicht geraakt. Oude mensen moeten tegenwoordig zo lang mogelijk zelfstandig blijven wonen. Dat klinkt aardig, maar er zitten toch wat haken en ogen aan (extreme eenzaamheid).

Zolang er leven is – Hendrik Groen

Wellicht zijn ouderen nu weer in beeld omdat de vergrijzing toe neemt, omdat ouderen langer zelfstandig thuis moeten wonen en omdat eenzaamheid versus zingeving een item is. Want ook als je ouder wordt, wil je mee blijven doen en er toe doen in deze maatschappij. Hoe zorgen we nu dat ouderen, tegenwoordig nemen we de leeftijd van 67+ om toch een grijze draad te hebben, comfort, controle en contact ervaren?

In buurtcentra en speeltuinen zijn ontmoetingsactiviteiten voor ouderen die zelfstandig thuis wonen. De sociaal makelaar is het aanspreekpunt voor ouderen, kan ondersteuning bieden bij hulpvragen en levert een bijdrage om wijkbewoners zo prettig mogelijk oud te laten worden in hun eigen wijk.

In maart wordt er door de sociaal makel organisaties een stedelijke bijeenkomst georganiseerd voor ambtenaren, professionals en ouderen, waarbij ouderen en de rol van de sociaal makelaar centraal staan. Met elkaar komen we tot inzichten over ouder worden en gaan we in gesprek om de ‘grijze’ gebieden in het sociale domein te duiden. Samen in de Stad bouwt sociale netwerken voor ouderen in Utrecht. In Hoograven is het netwerk SamenHoograven actief, wat mogelijk maakt dat senioren langer zelfstandig én prettig in de wijk blijven wonen. SamenHoograven zorgt dat mensen elkaar helpen, voorziet ouderen van informatie en organiseert leuke activiteiten, zoals de nieuwjaarsbijeenkomst die dit jaar op 25 januari plaats vond.

De nieuwjaarsbijeenkomst van SamenHoograven is inmiddels een begrip in de wijk. Deze gezellige middag, die gratis wordt aangeboden aan de ouderen, wordt mogelijk gemaakt door verschillende winkeliers en organisaties uit de wijk die sponsoren in financiële middelen, prijzen voor een verloting en leuke gadgets. Verschillende professionals en wijkbewoners helpen in de voorbereiding en uitvoering. De sociaal makelaar zorgt voor de verbinding tussen al deze partijen en de ouderen zelf. De muzikale omlijsting werd verzorgd door de Oranjeman die bij iedereen zorgde dat de zon even ging schijnen 🙂

 

“Samen beter voor elkaar”

Wil je op de hoogte blijven van wat er gebeurt in Hoograven? Volg SamenHoograven op Twitter. 

Tamara Leguit, Sociaal Makelaar

Alles tegelijk – Blog van Wijnand van de Giessen

Een organisatie waar 19 mensen (grotendeels parttime) werken. En waar de komende vier maanden gewoon het ”normale” werk gedaan gaat worden: sociaal makelen en sociaal beheer in Hoograven, Lunetten en Oost. Maar waar door diezelfde groep ook gewerkt moet worden aan het produceren van een aanbod in het kader van de uitvraag sociaal makelen, aan de voortgang van een geplande fusie met Doenja Dienstverlening en aan het inleveren van de evaluatie van het vorige jaar. Hoe gaat dat eigenlijk? Alles tegelijk in de lucht houden?

Fusie

In deze fase zijn vooral de personeelsvertegenwoordiging (pvt), de Raad van Toezicht (RvT), de controller en de bestuurder aan het werk met de voorgenomen fusie.

Medio februari zal er al veel duidelijk zijn over de vraag of de voorgenomen fusie ook echt per 1 januari 2019 zal worden gerealiseerd. De afgelopen weken zijn er met alle geledingen van zowel Doenja als van Vooruit gesprekken gevoerd. Doel was om het draagvlak voor de fusie in beeld te krijgen. Maar ook om mogelijke knelpunten in beeld te krijgen.

Daarnaast is er door de controllers hard gewerkt om een goed beeld te krijgen van de huidige financiële positie van beide 

partijen, en hoe dat er per 1 januari 2019 zal uitzien. En vooral: welke risico’s er eventueel aan de fusie verbonden zijn.

Op basis van hetgeen de afgelopen tijd in beeld is gebracht, kan er over een paar weken een principebesluit tot fusie worden genomen. Daarna moet er gewerkt gaan worden aan de vormgeving van de nieuwe fusie-organisatie. En zullen de pvt (bij Vooruit) en de OR (bij Doenja) bij de definitieve besluitvorming worden betrokken. Dat definitieve besluit is overigens last but not least vooral afhankelijk of Vooruit en Doenja de uitvraag zullen winnen. Als beide of een van deze twee de uitvraag niet wint, dan heeft fuseren immers ook geen zin. En dat weten we 3 juli van dit jaar. Best spannend allemaal!

Uitvraag

Zeer onlangs heeft de gemeente Utrecht de beleidsregel gepubliceerd met betrekking tot het schrijven van het aanbod in het kader van de uitvraag 2019 t/m 2024. De 5 samenwerkende sociaal makel-organisaties (smo’s) kunnen nu aan de slag om voor 1 mei a.s. een gezamenlijk aanbod voor de stad te gaan uitbrengen.

Omdat het een gezamenlijk aanbod zal zijn, zal een belangrijk deel – de uitgangspunten en de gezamenlijke visie – samen geschreven gaan worden. Naast dit gezamenlijke zal Vooruit haar aanbod gaan beschrijven voor de ‘’eigen’’ wijken Zuid en Oost.

 

De medewerkers van alle smo’s – dus ook die van Vooruit – zullen door middel van werkgroepen bij het schrijven van het aanbod betrokken gaan worden. Ook het aanbod in Zuid en Oost zal door middel van werkgroepen samengesteld uit medewerkers van Vooruit per thema vorm gaan krijgen. Eind maart moet het allemaal in concept op papier staan. Daarna is er nog een maand voor de check bij de medezeggenschapsorganen en de RvT’s, en voor de uiteindelijke vormgeving van het aanbod.

Evaluatie vorig jaar

Inmiddels zijn de voorbereidende werkzaamheden voor het tot stand brengen van de inhoudelijke verantwoording aan de gemeentelijke subsidiegever in gang gezet. De eindevaluatie van 2017 kan uiteraard  niet anders dan gebaseerd zijn op hetgeen de medewerkers hierover aanleveren; wel sluit het natuurlijk aan op hetgeen al in de tussenrapportage over 2017 aan de gemeente werd gemeld. De rapportage wordt ingeleverd voor 1 maart a.s.

”Gewone werk”

En oh ja, het gewone werk, het sociaal makelen voor jeugd en volwassenen en het sociaal beheer in de buurthuizen gaat ondertussen natuurlijk ook gewoon door.

Uiteindelijk behoren de bewoners, onze samenwerkingspartners en anderen zo weinig mogelijk te merken dat we met z’n allen behoorlijk druk zijn om de komende drie maanden hele belangrijke stappen ”vooruit” te zetten.

Maar intern zullen we er wel degelijk heel veel van gaan merken. Dan zal er zeker ook weleens sprake gaan zijn van stress. Vrees voor het (niet) halen van deadlines. Vrees of de kwaliteit goed genoeg is. Vrees of we het gaan redden. We zullen misschien soms op elkaars tenen gaan staan.

Maar bovenal zullen we samen werken. Samenwerken. Hard werken. Professioneel werken.

En dat alles met maar één doel: het werk in Hoograven, Lunetten en Oost waarin we geloven, waarvan we zoveel kennis hebben, zo goed mogelijk op de kaart zetten en samen met de collega’s van Doenja een zo goed mogelijk vervolg in de toekomst na 2018 geven. Over hoe dit de komende maanden z’n vervolg krijgt, praat ik jullie bij in een volgend blog.

Wijnand van de Giessen, bestuurder a.i Vooruit

 

Blog van Margreet: Soep uit iedere hoek!

Rutte III staat op het bordes. Ik ben benieuwd naar wat de beweging gaat worden in het sociale domein. In de Troonrede anno 2013 sprak de kersverse Koning over de participatiesamenleving. In datzelfde jaar veranderde het Utrechtse zorg en welzijnslandschap. Sociaal Makel Organisaties werden in het leven geroepen om mensen in buurten en wijken te stimuleren zelfredzaam te worden en hun eigen krachten en mogelijkheden te benutten. Als we meer voor onszelf en voor elkaar zorgen dan blijft hulp voor diegene die het het hardst nodig hebben, betaalbaar. Een mooi uitgangspunt maar niet eenvoudig want participatie laat zich niet afdwingen en zeker niet van het ene op andere moment.

Een van de thema’s in het sociale domein is de tweedeling arm/rijk, allochtoon/autochtoon, enzovoort. Diversiteit is onze insteek met als werktitel ‘lekker divers’. Dat ‘bekt’ goed. In Nederland noemen we bijna alles lekker, het is niet alleen van toepassing op dat wat we proeven. Daarmee is ‘lekker’ in onze taal een populaire bijvoeglijke bepaling van gesteldheid, noem het buikgevoel. Wij laten ‘Lekker divers’ knipogen. We accepteren dat we verschillend zijn, dat we zijn wie we zijn en dat we mét elkaar pas echt divers zijn. Het is geen opdracht om één mengkroes te worden. Mensen houden van gelijkgestemden en van hun eigen groep. Dat is gewoon zo. Én we kunnen elkaar ontmoeten.

De hele maand oktober staan de Utrechtse wijken Oost en Zuid in het teken van ‘lekker divers’. Zaterdag 28 oktober sluiten we af met ‘soep uit iedere hoek’. Een idee uit Berlijn, nu Stadsbreed in Utrecht. Soep is een universeel gerecht, het komt in iedere keuken van de wereld voor. Als je in een kop soep kijkt, zie en ruik je waar mensen vandaan komen. In veel culturen geeft soep een extra blijk van gastvrijheid, meer luxe, een extra gang waardoor de maaltijd ook langer duurt. Soep kan ook zoveel ingrediënten bevatten dat het een rijke maaltijd is waarbij je brood of pannenkoeken eet. Veel mensen hebben goede herinneringen aan soep, die van aan hun moeder of oma. Soep maken kost ook tijd en aandacht, de ingrediënten zijn vers, het suddert op het vuur en de ballen zijn met de hand gedraaid. Die aandacht van generaties kun je proeven. Dat is lekker!

Overvecht biedt zaterdag 28 oktober, van 12.00 tot 14.00 uur, vijf soepplekken; een regenboog aan diversiteit. In winkelcentrum Terwijde is er soep uit Irak, Iran, Thailand, Turkije, China en Armenië. Deze vrouwen hebben elkaar door soep uit iedere hoek ‘ontdekt’ en zijn een whatsapp groep gestart. Participeren is een traag proces. We geloven in kleine stappen die de grote opgave mogelijk maakt. In soep uit iedere hoek staat het verhaal van de soepmaker zelf en haar/zijn recept centraal in de ontmoeting van Utrechtse bewoners. Soep verbindt. Er hangen posters op centrale plekken van Utrecht, flyers gaan van hand tot hand, publiciteit in krant, op televisie en op social media, de Wethouder is enthousiast. Soep uit iedere hoek laat zien dat de participatie samenleving mogelijk is. Diversiteit smaakt gewoon lekker, dus kom ook in beweging……

Heb jij ook al zin in soep? www.vooruitutrecht.nl/lekkerdivers

Margreet Hinfelaar

Divers – Blog van Wijnand van de Giessen

Divers

De komende maand oktober staat bij Vooruit in het teken van Lekker DiversOp verschillende manieren zal die maand stil worden gestaan en uiting worden gegeven aan de diversiteit die onze samenleving kenmerkt.

Op zichzelf is diversiteit niet nieuw. De samenleving is natuurlijk altijd wel divers geweest. Toen ik opgroeide in de 50- en 60-er jaren van de vorige eeuw (hetgeen nu ik het schrijf opeens wel erg lang geleden lijkt, maar dat terzijde) waren er natuurlijk ook al mannen en vrouwen, jonge en oude mensen, protestanten en katholieken en niet gelovigen, en waren er toen natuurlijk ook verschillende seksuele geaardheden. Zij het dat toen over dat laatste niet zo veel gesproken werd.

De laatste 50 jaar is de diversiteit van de samenleving toegenomen door met name migratie. In de jaren vijftig de Indische Nederlanders en de Molukkers, daarna Surinamers en Antillianen, en daarna de migratie uit met name Turkije en Marokko. En de laatste jaren de vluchtelingenstromen uit het Midden Oosten en Afrika.

Het is niet moeilijk om de diversiteit van de huidige samenleving te problematiseren. En de werkelijkheid is ook dat een diverse samenleving niet altijd makkelijk is. Daarvan zijn genoeg voorbeelden te vinden.

Vooruit kiest ervoor de verschillen tussen mensen juist zoveel mogelijk te erkennen en te waarderen. Elke inwoner moet de kans hebben om op een gelijkwaardige manier te kunnen deelnemen aan de samenleving, en zich daarin kunnen ontplooien en ontwikkelen. Dat geldt voor het Marokkaanse gezin in Hoograven. Maar ook voor de gezinnen in de Sterrewijk. Ongeacht sekse, huidskleur, leeftijd, mate van gezondheid, seksuele voorkeur, religieuze en politieke overtuiging burgerlijke staat of opleiding. Mede vanuit de overtuiging dat de samenleving daardoor interessanter, veelkleuriger, leuker en sterker kan worden.

Toen ik net als jong jurist hier in Utrecht was afgestudeerd, had ik het geluk dat ik kon kiezen uit twee banen. Als stagiaire op een advocatenkantoor in Waalwijk. Of als juridisch medewerker bij het toen – vlak na de Molukse treinkapingen in Drenthe – net door de toenmalige regering opgerichte Inspraakorgaan Welzijn Molukkers. Ik koos voor het laatste. Vermoedelijk vanwege de warme en oprechte belangstelling van de volledig Molukse selectiecommissie voor mijn motieven om uitgerekend bij hen – de ”kapers en gijzelnemers” – te willen werken. In de jaren dat ik er werkte, werd ik langzaamaan door de Molukse ooms en tantes min of meer geadopteerd. Uit de wijken kreeg ik kleding (sarong kebaja, zondagse kleding) mee voor mijn partner, en prau tjenkehs (kruidnagelbootjes) van de Molukken, Nog steeds versta ik Behasa Maluku. Nog steeds weet ik dat op 25 april de uitroeping van de RMS in de woonwijken wordt herdacht. Nog steeds ben ik geabonneerd op het enige Molukse maandblad Marinjo. En nog steeds kan er geen enkele sambal op tegen de zelfgemaakte sambal die ik regelmatig meekreeg van de tantes uit de woonwijken in Rijssen en Moordrecht.

Ik kijk nog steeds met ontzettend veel plezier terug op die eerste baan. Waar ik ontdekte dat diversiteit vooral veel humor en warmte in zich kan bergen. En dat je in een diverse werksetting ontzettend veel kan leren. En dat dat heel erg goed is voor je ontwikkeling.

Die ervaring van mijn eerste baan kleurt nog steeds hoe ik tegen diversiteit aan kijk. Ook vandaag de dag. In Hoograven, Lunetten en in Oost. In Nederland en in Europa. Een diverse samenleving is zeker niet zonder problemen. Maar die diverse samenleving is wel werkelijkheid. Een werkelijkheid die heel veel kansen biedt om samen sterker te worden. Voor de samenleving als geheel. Maar ook op persoonsniveau geeft het de mogelijkheid aan heel veel mensen te kunnen zijn wie je bent.

Oh ja. Ik ben inmiddels een trotse opa van 4 kleindochters, waarvan twee nog heel erg jong. Er is een vijfde kleinkind in aantocht. Alle tekenen wijzen erop dat het nu een kleinzoon wordt. En dat is eerlijk gezegd ook wel een beetje lekker divers…

Wijnand van de Giessen

Blog Dick: Het verhaal van Désirée

De zomervakantie is aangebroken. In Hoograven en in de rest van Utrecht is het merkbaar stiller op straat, ook rustiger in de buurthuizen. De files rond de stad en de vertragingen op de A12 zijn geheel verdwenen, als sneeuw voor de zon. Veel inwoners zijn vertrokken voor een vakantie in het buitenland, een verblijf op de camping of hebben gekozen voor een dagje uit in eigen land. Toch zijn er nog zat die thuis blijven, die nu kunnen genieten van rust in de eigen vertrouwde omgeving. Ook zijn er die niet weg willen omdat ze het liefst slapen in het eigen bed in plaats van in een ‘vreemd’ bed. Of zijn er mensen die niet weg kunnen om redenen van gezondheid. En ook zijn er die niet weg kunnen vanwege hun financiële situatie. Van sommigen moet ik maar geloven dat ze al de hele wereld hebben gezien en nu geen zin meer hebben. Zulke mensen kom ik dagelijks tegen. Gewone mensen dus, zoals jij en ik.

De activiteiten in de buurthuizen liggen deels stil. Er is ruimte voor onderhoud, het in de was zetten van vloeren en tijd voor extra klussen die specifieke aandacht behoeven. Als sociaal beheerder(s) bereiden we ons voor op het nieuwe activiteitenseizoen dat in september begint. Sommige groepen hebben gekozen voor een zomerstop. Andere daarentegen gaan juist door met hun activiteiten om de thuisblijvers nog wat plezier en gezelligheid te kunnen bieden.

Zoals gebruikelijk komt de Schildersclub tweemaal in de week bijeen. Het aantal deelnemers – meest senioren – lijkt nu zelfs toe te nemen. De stemming onderling zit er goed in, het tempo heeft men aan het warme weer aangepast, men geniet van een langere koffiepauze en men organiseert een gezamenlijke BBQ bij iemand thuis. Sommigen hebben me verteld dat ze regelmatig uitzien naar deze wekelijkse bijeenkomsten nu men thuis de eenzaamheid – als alleenstaande oudere – zo sterk ervaart. De muren zeggen immers niets. Omdat blijkt dat de Schildersclub niet is opgenomen in AMIS, het reserveringssysteem van de gemeente Utrecht, zorg ik er voor dat dit zo snel mogelijk bekend is bij de medewerkers van het Vastgoedloket. En dat dit voor de komende maanden wordt ingeboekt, waarmee de voortgang verzekerd is. Hiermee voorkom ik dat anderen de ruimte, waarin de Schildersclub wekelijks bijeenkomt, kunnen reserveren en de ruimte kunnen opeisen.

Eén van de vaste deelnemers vertrouwt me toe dat het zijn grootste wens is om de film Désirée (1954), met Marlon Brando (zijn idool?) in de hoofdrol, nog eens te kunnen zien. Volgens de man betreft dit een prachtige film, een kostuumdrama vol kleurrijke decors, die hij maar wat graag zou willen naschilderen. Terwijl hij me dit vertelt, kom ik via Google al snel op de film die in volle lengte op youtube te bekijken is. De man valt nog net niet van zijn stoel, is duidelijk verrast, kan het maar nauwelijks geloven. Ik meld hem dat de film op DVD wordt aangeboden. Via websites in Amerika, Engeland en in Duitsland. Hij lijkt even van zijn stuk gebracht, herstelt zich, maar blijft onder de indruk van wat nu zo dichtbij lijkt te zijn. Hij slaat mijn advies om de film te gaan bekijken op een computer in de bibliotheek in de wind. En ook dat hij daar les zou kunnen krijgen voor het gebruik van een computer wijst hij resoluut af. Hij wil niets van computers en internet weten, vindt het maar niks. Hij heeft er duidelijk geen ervaring mee. Ik leg hem uit dat Plato, de winkel is een begrip in de stad Utrecht, de film vast ook zou kunnen leveren via zijn kanalen, echter moet ‘ie dan wel even zelf het centrum in. Of zal ik… Afijn, hij vertrekt naar huis, een heel stuk blijer, misschien wel met warme herinneringen aan vervlogen tijden, maar in ieder geval met een leuk vooruitzicht in het verschiet. Uiterlijk heeft ‘ie trouwens wel wat van Marlon Brando, bedenk ik me nu.

 

Daar veel deelnemers op leeftijd zijn en nauwelijks ervaring hebben met een computer of kennis van internet, zorg ik er voor dat de(ze) reguliere groepen óók weer een volgende keer in het pand terecht kunnen. Het reserveren van ruimtes door groepen en organisaties gebeurt tegenwoordig via aanmelding bij een digitaal reserveringssysteem die men kan vinden op de website van de gemeente Utrecht. Zo af en toe blijkt er een groep niet aangemeld te zijn, en staan de deelnemers onverwacht voor je neus. Moet je snel beoordelen of er een alternatief mogelijk is en/of onderzoeken wat er is mis gegaan. Fouten maken we natuurlijk allemaal, dubbele reserveringen moeten echter voorkomen worden.

In de vakanties blijven de meeste gastvrouwen thuis, bij hun kinderen. Kunnen we niet rekenen op hun inzet. Moeten we zelf bijspringen. Speel je even barman of koffie-juf. Veel gastvrouwen hebben hun roots elders, zijn geboren buiten Europa, leren de Nederlandse taal en de algemene omgangsvormen tijdens het verrichten van vrijwilligerswerk in de buurthuizen. Voor ons beiden betekent dit aanpassen, goed luisteren, soms herhalen, navraag doen, begrijpen we mekaar goed of toch niet. Dit kost best veel energie. De één werkt liever alleen, de ander werkt liever met een ander. Meestal gaat dit goed, soms niet. Moeten we bemiddelen bij conflicten. Sommigen zijn gevlucht, hebben ervaring met geweld, oorlog en/of onderdrukking. En wie weet wat nog meer.

Vanwege de situatie in de Rif en met name in de stad Hoceima, lijken de Nederlands Marokkanen deze zomer hun geplande reis te annuleren. Men laat weten dat de invloed vanuit het thuisland groot is en dat men van daar, nu meer dan ooit, beroep doet op hun landgenoten en hun familieleden in den vreemde. Een deel maakt zich hier duidelijk zorgen over, heeft last van stress(klachten), hoopt niet dat het conflict ook naar Nederland overslaat en hier voor onrust zorgt in de gemeenschap(pen). Goed beschouwd zit soms de hele wereld aan die ene tafel in het buurthuis, waar de situatie in Syrië wordt besproken, waar we onderling delen wat ons bezighoudt, waar we bespreken wat we zoal zien/ horen/ lezen, waar geïnformeerd wordt naar familie elders. Ook bied ik daar informatie aan belangstellenden over het huidige activiteitenaanbod, denk ik mee over het organiseren van nieuwe activiteiten in het pand of de ontwikkelingen in de wijk(en). Bespreek ik met anderen de mogelijkheden van het organiseren van vrijwilligerswerk voor licht dementerenden in het kader van DemenTalent en de ontwikkeling van een breed netwerk van (buurt)organisaties ten voordele van ouderen in de wijk.

Tussendoor meld ik een inbraakpoging, getuige braaksporen aan de achterzijde van het pand, aan de gemeente die hoofdhuurder is. Help ik iemand die een financiële bijdrage wil aanvragen voor het organiseren van een activiteit in de wijk. De gemeente Utrecht heeft hiervoor een Initiatievenfonds. Ontvang ik nieuwe klanten, toon ik hen waar en wanneer men eventueel gebruik kan maken van een ruimte. Er wordt me, door de dames die de (donderdag)middaglunch voor buurtbewoners verzorgen, gevraagd of ik nog een boterham met gebakken ei lust. Ontmoeting en gezelligheid staan hier, bij de sociale eettafels, centraal. Voornamelijk ouderen nemen aan de(ze) eettafels deel, vaak om redenen van eenzaamheid. Gewoon, omdat ze hun ouders – die intussen al vele jaren geleden overleden zijn -, een gestorven partner, broer of zus nog zo vreselijk missen. Dat vertrouwde nestgevoel van vroeger. Saamhorigheid en verbondenheid. Misschien herkent u dit wel? Sommigen vinden dit terug in een buurthuis. “Met kaas trouwens, zo heb ik het graag”.

 

 

Inmiddels blijkt dat de man zich vergist heeft. Geeft niet, kan gebeuren. De film die hij zo graag wilde terugzien, en voor zijn schilderwerkzaamheden wil gebruiken, is ‘War And Peace’ (1956, met o.a. Audrey Hepburn, Henry Fonda en Mel Ferrrer in de hoofdrol). Ook een mooie film natuurlijk. Over de tijd van Napoleon. DVD is intussen geleverd.

 

Blog Wijnand van de Giessen: Uitgangspunten

Eind juni heeft het College van Burgemeester en Wethouders de Nota van Uitgangspunten Sociaal Makelaarschap 2019-2024 vastgesteld. Een hele mond vol. Maar wel een hele belangrijke mond vol. In deze nota geeft B&W haar visie op het sociaal makelaarschap in de stad, en wat zij van dit werkveld in de komende jaren verwacht.

Die uitgangspunten zijn nodig, omdat de gemeente Utrecht aan het einde van de huidige (per 1-1-2019 aflopende) subsidieperiode opnieuw het sociaal makelaarschap wil toebedelen. Anders gezegd: Vooruit (maar ook de andere sociaal makelaarorganisaties, de smo’s) zal volgend jaar opnieuw een aanvraag voor de nieuwe periode moeten indienen en zal daarbij door de gemeente op de uitgangspunten van de nota worden beoordeeld.

De nota is er niet even zomaar gekomen. Er is een behoorlijk zorgvuldige procedure gevolgd, waarbij heel veel partijen hun mening over het huidige werk hebben gegeven. En waar men ook de wensen voor de komende periode heeft kunnen formuleren. Van deze inspraakmogelijkheid is heel goed gebruik gemaakt: zowel aangrenzende organisaties zoals bijvoorbeeld Buurtteams en JOU, maar ook wijkraden, kerken en bewoners hebben hun mening gegeven.

En naar nu blijkt is deze inspraak zeer serieus genomen, B&W heeft heel goed naar alle betrokken partijen geluisterd.

Zo rijst uit de nota het beeld dat het College het sociaal makelaarschap een belangrijke positie toedicht in het realiseren van een sterke sociale basis in de stad. En dan in het bijzonder waar het gaat om kwetsbare groepen in onze stad. Het werkveld heeft haar positie in de afgelopen jaren duidelijk waargemaakt en daardoor ook versterkt.

Heel goed is ook dat B&W in de nota veel duidelijker dan een aantal jaren geleden opschrijft hoe zij het werkveld ziet, en wat zij van de sociaal makelaars in de buurten en wijken verwacht. En dat is fijn, die verheldering was echt nodig.

Een goede stap vooruit (what’s in a name) is ook dat de nieuwe subsidieperiode 6 jaar lang zal zijn. De vorige periode besloeg aanvankelijk vier jaar, maar dat bleek behoorlijk aan de korte kant te zijn: zo moest in het eerste jaar nog veel worden opgebouwd, daarna kwam men pas aan het echte werk toe.

En heel belangrijk: het College geeft expliciet aan dat men in beginsel voor continuiteit van het werk kiest. Ook hier is de waardering voor het werk duidelijk terug te lezen.

Op een aantal onderdelen zijn echter ook wel wat vragen te stellen. Allereerst trekt het College op het eerste oog 1 miljoen euro minder uit dan thans voor het werk; dat heeft vooral te maken met de beoogde verzelfstandiging van de speeltuinen. Deze worden nu nog beheerd door medewerkers van de smo´s. Het is anno juli 2017 echter nog zeer onduidelijk welke speeltuinen wel of niet en zo ja, wanneer, zullen verzelfstandigen.

Maar 1 miljoen euro minder dreigt hoe dan ook gevolgen te hebben voor de werkgelegenheid van de smo’s, waarbij het ook nog eens behoorlijk onvoorspelbaar is voor wie precies dit gevolgen zal hebben.

Daarnaast zegt de nota dat het College een aanvraag voor de hele stad wil ontvangen, omdat men o.m. wil bevorderen dat de uitvoering van het werk is de stad overal op dezelfde leest zal zijn geschoeid. Deze ene aanvraag mag ook gedaan worden door een samenwerkingsverband van de huidige smo’s.

Voor de vijf smo’s in de stad is het een hele interessante maar ook uitdagende optie om daaraan samen inhoud te gaan geven. Er zal nog meer dan nu al het geval is heel nauw samengewerkt moeten worden. En dat is nooit verkeerd.

Op de jaarlijkse teamdag van de medewerkers van Vooruit op 4 juli jl is de nota in hoofdlijnen positief ontvangen. Hoewel er uiteraard op onderdelen kanttekeningen werden geplaatst, was de eindconclusie vooral dat men zich in de inhoudelijke kant van de nota heel goed herkent en dat dit veel motivatie geeft om de komende jaren het werk samen met andere organisaties enthousiast op te gaan pakken.

Nog even procedureel: de nota is nog niet definitief. In het najaar zal de gemeenteraad de nota bespreken en vervolgens vaststellen. Daarna zal het College op basis van de door de raad vastgestelde nota nog een beleidsregel schrijven, die op een aantal onderdelen verdere invulling zal geven. En daarna mogen de smo’s aan de slag: in het voorjaar van 2018 moeten de aanvragen voor de nieuwe subsidieperiode bij de gemeente worden ingediend; in juni 2018 zal dan worden besloten of de huidige smo;s het werk ook tot en met 2024 in de wijken en buurten mogen gaan uitvoeren.

Deze nota van uitgangspunten is in ieder geval een eerste stap om dat ook voor Vooruit voor elkaar te gaan krijgen.

Wijnand van de Giessen, Interim bestuurder Vooruit

Blog Margreet: Nakomen!


 

Na tientallen jaren fiets ik weer naar mijn werk en dat is een mega verandering in mijn leven. “De drukste fietspaden van Nederland vind je in Utrecht, en liggen allemaal in het centrum van die stad”, volgens de Fietsersbond. Mijn tochtje vanaf Jaarbeursplein naar Hoograven valt dus nog mee?! Nederlanders zijn tolerant zeggen onze mede-Europeanen en dat klopt als het om het fietsen gaat, zeker in Utrecht. Soms is het een heksenketel, dan lijkt het meer op een dans en ‘bijna ongelukken’ gaan gepaard met de spontane uitroep van “sorry” of “oeps”.

Regelmatig sta ik stil bij een stoplicht. Meerdere palen in de stad zijn beplakt met de sticker ‘nakomen’. Zo ook op grote rotonde tussen Hoograven en Lunetten. Daar is het middelpunt van ons werkgebied Zuid en niet bepaald veilig om door rood te rijden. Dus een uitgelezen kans om de tekst tot me door te laten dringen. Zou dat de bedoeling zijn van de stickerplakker? Nadenken over ‘nakomen’? Wat betekent dat woord voor mij, in mijn persoonlijk leven en in mijn werk? Als je iets beloofd, dan….”

Het eerste kwartaal van 2017 zit er alweer op en toch voelt dit jaar nog nieuw. We hebben als Vooruit plannen gemaakt en die zijn volop in uitvoering. Onze teams van Zuid en Oost maken het waar, komen na wat we beloofd hebben:

De driehoek in het Hart van Hoograven gaat voor een nog mooier buurtcentrum mét terras. ‘Samen Lunetten’ in wording, zoals succes van ‘Samen Hoograven’ en ‘Samen Oost’. Aankomend 80 jarig bestaan van speeltuin de Bloesem wordt groots feest. De samenwerking met De Wilg maakt Sterrenzicht bruisend en de eettafel’ van Lunetten naar de voorstelling van Tineke Schouten was onvergetelijk. Het nieuwe manifest van de . Vreedzame Kinderraad Hoograven vormt voor ons een mijlpaal. Zondag 21 mei a.s. volgt er inspirerend kenniscafé met alle Sociaal Makel collega’s over het thema Diversiteit.

Dit is maar een kleine greep uit de dagelijkse praktijk van de sociaal makelaars en sociaal beheerders van Vooruit. Verbinden, ontmoeten, versterken, activeren, samenwerken en nakomen. We delen graag ons Werkplan Vooruit 2017 met jullie zodat je kunt lezen wat wij willen nakomen dit jaar. We hebben er zin in.

En ondertussen zijn ook de nieuwe fietscursussen een feit. Want fietsen is wel een heel belangrijk onderdeel van de inburgering, zeker in Utrecht! Wil je ons werkplan lezen of weten wat er nog meer te doen is, ga dan naar onze website www.vooruitutrecht.nl . Ben jij een fietsfan, lees dan ook het blog over de grijsgroene fiets van sociaal makelaar Jos Bierens.

Blog Margreet: Diversiteit

Nederland, Amsterdam, 19-11-2016 Kinderen uit Syrie en Irak die een hoofdrol hebben in een documentaire over hun scholing in Brabant poseren met hun Juf in een rondvaartboot die hen door Amsterdam gaat varen. FOTO : Guus Dubbelman / de Volkskrant

Nederland, Amsterdam, 19-11-2016
Kinderen uit Syrie en Irak die een hoofdrol hebben in een documentaire over hun scholing in Brabant poseren met hun Juf in een rondvaartboot die hen door Amsterdam gaat varen.
FOTO : Guus Dubbelman / de Volkskrant

Op zaterdagmiddag naar de film, dat was lang geleden. Met iemand die de Nederlandse taal niet goed beheerst, het werd ‘de kinderen van juffrouw Kiet’. Een prachtige film over een strenge juf die op een school in Brabant de kinderen uit oorlogsgebieden op een hele liefdevolle manier meeneemt in de Nederlandse taal.

De manier waarop de film gemaakt is is ook indrukwekkend. De camera observeert de kinderen op oog- en kniehoogte en kom ik als toeschouwer in de klas. Ik ben tussen de kinderen en voel ze als het ware ademhalen en hoor ze zachtjes elkaar aanmoedigen of terechtwijzen in het Arabisch. Ze kunnen immers nog niet goed Nederlands met elkaar spreken. De juf begrijpen ze wel! Zij is hartstikke duidelijk, ze gebruikt haar lichaamstaal, die is universeel. En dan is daar na veel oefenen het diploma voor de de tafel van 4. De juf neemt de kinderen letterlijk aan de hand om ze te verbinden met de ‘witte’ kinderen op het schoolplein. Ze tasten elkaar af, trekken zich terug naar de eigen veilige groep en dan komen ze toch tot spel. Omgaan met diversiteit. De kinderen blijven zichzelf én verschillend, gelukkig maar.

Waarschijnlijk zijn de kinderen van juffrouw Kiet afgesneden van hun familie in de oorlogsgebieden. Wat afschuwelijk. Ik realiseer me dat des te meer doordat ik dit jaar juist met heel veel familieleden ben herenigd. In de zomer kwam een nichtje uit Australië voor het eerst, haar Nederlandse en Engelse familie bezoeken. Tijdens onze familiereünie met 4 generaties realiseerden we ons dat onze familieleden in 15 landen en vier continenten woont. We geloven in Allah, Jezus Christus en Boeddha of hebben het geloof achter ons gelaten. Bij ons zijn homoseksuelen en heteroseksuelen, we hebben een beperking, zijn hoogbegaafd. Mijn zwart afrikaanse islamitische achternichtje zat op mijn schoot terwijl er om mij heen Frans, Engels, Duits en Nederlands werd gesproken. Hoe divers wil je het hebben. Het was fantastisch om elkaar te ontmoeten en te leren kennen. Onze voorouders verbinden ons en onze familiaire trekjes in uiterlijk, karakter en gedrag. Maar we zijn vooral heel divers.  

Diversiteit in de Utrechtse wijken Zuid en Oost wordt voor onze sociaal makelaars van Vooruit een belangrijk thema in 2017. Binnenkort gaan jullie meer horen van onze kersverse projectleider Robin. Culturele beïnvloeding begint in het kl20160808_151858ein. In de huiskamers van de buurtcentra, in de speeltuinen en tijdens het oudejaarsfeest in Hoograven. Diversiteit is een gewoon fenomeen. Onze sociaal makelaars verbinden, soms net zoals juffrouw Kiet, door mensen letterlijk bij de hand te nemen. We zijn verschillend en als we elkaar ontmoeten dan beïnvloeden we elkaar. Niet met de bedoeling om een eenheidsworst te worden, maar juist om de verschillende kleuren en smaken toe te juichen.

Ik wens iedereen een mooie tijd in de laatste dagen van 2016, met of zonder feest.

 

 

*  kunstenaar: Isabella el Hasan, ‘unity in diversity (All Right Reserved)